Ik stap het venster in en kijk aan beide kanten over de stad. Ik zie een roze oranje bal achter de nog kale bomen tevoorschijn komen en de lucht in allerlei kleuren veranderen.

De stad slaapt nog, maar de natuur komt tot leven. Het voetbalveld op het energieplein is het speelveld van ruziƫnde kraaien, en naar eten speurende duiven. Ik kijk de kant van de Grote kerk op, maar snel keer ik weer terug naar de andere kant, de opkomende zon die van kleuren blijft veranderen, en het kabbelende water hebben een onbeschrijfelijke aantrekkingskracht. De zon schijnt door het venster en zet de toppen van de huizen in het licht.

De stad slaapt uit, en ik hoor mijn begeleider naar boven komen en weet dat deze unieke ervaring voorbij is.