Wat een heerlijk begin van de dag. Even helemaal niets moeten, gewoon zijn en waarnemen. Het ochtendlicht is bijzonder. Eerst de verblindende donkerrode zon die langzaam verbleekt tot een heldere witte bol.

Het ochtendlicht is zacht en streelt de stad. Het voelt lieflijk aan en geeft hoop in deze rare coronacrisis.

Verbazingwekkend hoeveel auto’s er vanuit de Stadspolders zich in een verlichte sliert verplaatsen. Als het bloed door de aderen van de stad. Het uitzichtspunt is ook mooi van ongeveer oost naar west. In het oosten komt de zon op, daar kijk ik neer op het hoofdkantoor van mijn werkgever het SCD. In het westen kijk ik uit op de majesteuze Grote Kerk met daartussen mijn huis ongeveer halverwege. Het maakt mij bewust hoe de kerk gebouwd is: in het westen de toren en in het oosten het Hoogkoor.

Het Energiehuis heeft een mooi dak. Dat bovenaan zijramen heeft. Dit doet mij denken aan de Ark van Noach. Ik zit erop? Teken van overleven? Het zijn zomaar gedachten die door mijn hoofd schieten.

En dat allemaal op de dag dat mijn vader 93 jaar had kunnen worden. Kortom een ervaring waarvoor ik heel dankbaar ben als Dordtse schapenkop en die mij hopelijk nog heel lang bij mij mag blijven.