Licht gedesoriƫnteerd betreed ik het Venster. Hoe goed ik mijn stad ook ken, op deze hoogte, met dit perspectief ziet het er allemaal anders uit. Als een uitklapbare 3D-kaart ontvouwt de stad zich. Samen met de Grote Kerk recht voor me en de molen gebroederlijk naast me, kijk ik over de nog grotendeels slapende stad.

Het is de ochtend na de langste nacht. Ik hoop de zon op te zien komen, maar het blijft grijs, grauw en nat.

Toch voelt het bijzonder, hier juist op deze morgen, te staan, wetend dat deze zon, hier zo verstopt achter een sluier van regenwolken, op zo veel plekken ter wereld vandaag welkom zal worden geheten. En dat al eeuwen lang.

Het is stil in de stad. De enige beweging is de choreografie van witte meeuwen op het Energieplein. De enige kleur is afkomstig van de onophoudelijk knipogende stoplichten bij de Oranjelaan, en het smurfenblauwe autootje dat geparkeerd staat naast de bioscoop. Door hun opvallende kleur in de verder grijze stad zijn ze als ankertjes voor mijn ogen. Een groep ganzen trekt naar het zuiden en naarmate het iets lichter begint te worden verschijnen er iets meer auto’s & fietsers.

Hoewel ik hier sta in dit verlichte venster, waan ik me ongezien – iedereen die langsfietst, ploegt door de regen; capuchon op, hoofd naar beneden. Dan is er de jogger. Hij verschijnt vanonder het Venster en stopt plots na een paar honderd meter, draait zich resoluut om en steekt zijn duim naar me omhoog – het moet z’n vaste ronde zijn.

Zoveel daken, zoveel mensen, zoveel verhalen. Het voelt alsof ik in een van de grote zoekboeken van mijn kinderen kijk waarin van alles gebeurt en je zoveel verhaallijnen kunt volgen. Alleen hier, op deze zondagmorgen blijft het stil. Ondanks het grauwe weer wordt het toch steeds wat lichter. Zag ik bij binnenkomst de stad voornamelijk alleen nog door mijn eigen donkere silhouet in het raam, doordat de verlichting in het Venster weerkaatst op de ruiten, nu tekent zij zich steeds duidelijker af.

Mijn silhouet vervaagt, de verkeerslichten gaan over in hun vaste ritme van oranje-rood-groen, de kerkklokken luiden vanuit verschillende punten in de stad. Iemand wandelt met zijn hond, de regen lijkt hen niet te deren. Een stelletje wandelt gearmd op hun gemak richting de stad. Hun gele jassen zorgen voor toch nog een zonnig element op deze grijze eerste dag van de winter.