Elk jaar stond ik op deze dag op het schoolplein met mijn kleuters te zingen. Nu niet meer; ik ben met pensioen.
Ik heb de deur nog een paar keer open gedaan: wie weet hoorde ik gezang, de school staat aan de overkant van de Oranjelaan. 
Daarna werd ik mee gezogen in wat er om me heen gebeurde.
Het was mistig; alleen de gebouwen in de nabijheid waren zichtbaar. Er was veel lawaai; het gebouw zoemde, de niet aflatende stroom van auto’s, maar ook een mooie meeuw die krijsend voorbijkwam. 
Langzaam loste de mist op: een machtig kleurenschouwspel. 
Ineens was de zon er! Ik kan in de bol kijken. Flarden mist trokken voorbij. Binnen een minuut lukte het kijken niet meer in de zon en zag ik de schaduwen ontstaan bij de fietsen. Wat was het mooi die voortdurende verandering van licht en kleur. Er kwamen steeds meer meeuwen en ook de duiven lieten zich zien. Ik zag de stad verschijnen. De stad die ik zo goed ken, waar mijn voorouders ook geworteld waren. Het maakt dat ik me stevig voelde staan. Dan nog de bomen, wat zijn er veel van. Een prachtig gezicht. 
Geef mij nog maar een uur!