Net een beetje licht en dan de “doos” in…
Gelijk naar het raam en zoeken naar herkenning, de grote kerk, Tomadohuis, wilhelminakerk, snel gevonden maar dan komt het besef dat de rest ingewikkelder is, zonder de bekende structuur van de straten is het lastig. Mensen hebben die structuur blijkbaar nodig, als je met zoveel op een klein stukje zit moet je binnen de lijnen blijven, stramien volgen.
De natuur boeit het minder. Vogels vliegen af en aan, trekken zich niets aan van wegen en paden. De wind komt dwars over, laat zich door ons niet stoppen. een man loopt over een pad, rechtdoor.. zijn hond zig-zagt over de breedte van het veld, samen komen ze op dezelfde plek. Dan waait de wind de wolken open en zie je ze daar ook: de door ons uitgezette lijnen, vliegtuigen trekken rechte strepen, met af en toe een berekende bocht. Opeen trekken twee mensen mijn aandacht. Vrienden die me komen bezoeken, en me laten lachen door een spandoek. Vriendscshappen laten zich niet sturen door regelmaat en stramienlijnen, daar komt opeens de natuur weer op de hoek en ze hebben gelijk: Het is stil aan de bovenkant!