Ben eerst maar eens aan de goeie kant gaan staan om de zon te zien opkomen. Sinds ik als 16-jarige door een stoere strandwacht in Domburg ben verleid om met hem romantisch op een bankje bij de zee ‘s morgens de zon te zien opkomen, let ik beter op. Het duurt namelijk heel lang voordat je de zon ziet opkomen in het westen in Domburg. 

De Zon komt nauwelijks boven het gebouw uit, tijd om verder te kijken.

Vooral naar de mensen die langskomen. Veel op de fiets, bijna schooltijd. Maak oogcontact met mevrouw in oranje jas, wit haar, witte schoenen. Niet met het clubje brugklassers dat over het plein scheurt. Wel weer met een peuter die achterop zit bij zijn moeder. 

Eén zwaaimomentje. Niet met mijn tennisleraar, die ziet me niet. 

Leuk om te zien hoe de Noordendijk richting de stad omhoog loopt. Je ziet het ook aan de kromme ruggetjes van de fietsers. 

De stadskant is veel rumoeriger dan de andere kant. Auto’s zoeven, geen oogcontact daar howel het lijkt dat ze naar je zwaaien als de ruitenwissers aan staan. 

Dan de achterkant valt me ineens op dat je het verkeer op drie niveaus ziet rijden: beganegrond over het Energieplein, 1e verdieping over de Prins Hendrikbrug en 2e verdieping over de brug naar Papendrecht. 

Dordrecht is duidelijk wakker geworden in dit uur, ik heb het gezien en vond het mooi. 

Mireille van Kleij