Slechts 10 passen verbinden de 56 jaren van mijn leven in Dordrecht. Hoe speciaal is het om dát te ervaren in mijn beschutte huisje voor één uur. In het oosten waar ik binnen stap, zie ik direct net naast de bomen in het volle blad, de flat op de hoek van de Noordendijk en Oranjelaan, waar ik als meisje van 4 met ouders en jongere zusjes opgroeide.

In het westen, recht vooruit de Grote Kerk aan de voet waarvan in nu woon.

De wolken kruipen boven me voorbij, eerst grijzig, wit en een heel dun rozig randje. Langzaam kleur de horizon steeds warmer en wordt het roze oranje en het grijs lichtblauw. In het oosten.

Ik loop weer 10 passen naar het andere venster en kijk uit over de helemaal verlaten Noordendijk. De molen en het café op de hoek waren er ook al in 1963. In de jaren daarna liepen mijn zusje en ik met onze grandad naar het – toen nog – Papendrechtse veer om op avontuur te gaan naar de molens.

Hij was dol op de rivier, ik ook! Ik geniet van mijn dagelijkse Waterbus-tripjes naar m’n werk over het water.

Inmiddels ontwaakt Dordrecht en glijden auto’s, fietsers en een enkele voetganger onder mijn voeten door naar verder. Ik volg hun spoor en richt mijn blijk weer naar het oosten. Wát een spektakel! De zon barst in felle strepen door de wolken heen en zet Papendrecht in een spotlicht. Ik kan mijn ogen er maar niet van af houden. Het gekwetter van de vogels neemt weer toe, alsof ook zij de zon verwelkomen. Nog één keer de blik op het westen: inmiddels is dit deel van Dordrecht ook uitgelicht. De trapgevels langs de haven, de Groothoofdspoort, de groene tinten in het Merwesteinpark.

Dordrecht, wat bén je toch prachtig!

Pauline Schilthuizen