Onwennig, buiten mijn comfortzone, sta ik als waarneemster in het venster. Het verbaast mij hoeveel verkeer er langskomt en hoeveel auto’s de bocht verkeerd nemen. Waar gaan al die mensen naar toe? En: waar komen ze vandaan?!

Na ongeveer 15 minuten komt er een omslag. Ik stoor me niet meer aan het geluid van de fonteinen of de toeterende auto’s. Ik neem nu de stad zelf waar zonder na te denken over welke toren bij welk gebouw hoort. Ik geniet van de langs vliegende meeuwen (of is het steeds dezelfde?!) en van het groen wat ik zie tussen mooie of lelijke gebouwen. En ineens merk ik dat de stad mij ook waarneemt. De voorbijgangers, de tortelduifjes en de toeterende auto’s. Terwijl de ondergaande zon mij nog een roze gouden knipoog geeft voordat zij verdwijnt, moet ik me los scheuren uit deze prachtige voorstelling. En besef ik dat niet ík, maar de stad mij in haar hart heeft gesloten.

Een prachtige voorstelling waar nog lang over zal worden gesproken.