Is het nanacht of voormorgen, als ik naar Het Venster klim? Ik ben bij de geboorte van de jongste dag. De kleuren van de nacht verschieten van donkergrijs naar Merwegrijs naar hemelsblauw met witte tinten. In het midden van het Venster slaapwandelt een zwartrode beuk in een lijn van zachtgroene bomen. Donkere daken dragen het nieuwe licht.

Ik kom er voor de stilte , we naderen de kortste nacht. Ik ontmoet een illusie. De stilte laat zich niet horen. Op het dak van Kinepolis, de enige ster in de nacht, zoemt een luchtinstallatie. In mijn rechteroor ruist permanent Tinnitus.

Drie mensen laten zich zien. Eén te voet, twee op de fiets. Allemaal kijken ze naar hun mobiele venster, en niet naar mij. Een meeuw vliegt recht op me af en scheert dan van me weg, wie ben jij? Dan een kort gekras in de nanacht. Drie groene parkieten in perfecte vogelvlucht, op weg naar..?

Ik zie. Besta ik dan? Ziet de hommel mij die achter het glas wil zijn? Dansend gaat hij de ochtend in.

Dan verschijnt een witte auto op de Noordendijk. De politiewagen mindert vaart in de bocht. Staat stil. Twee uniformen zwaaien naar me. Ik besta.

 

Frits Baarda