De schuifdeur gaat dicht. Ik zie het uitzicht op het plein. Kinderen fietsen over de bulten. De bioscoop loopt vol. Het uitzicht is weids maar toch ook ingekaderd. Eén observatiepunt, maar twee kaders.

Aan de andere kant zie ik de grote kerk, de vlag is in top. Op de Noordendijk rijden de auto’s onder mij door. Een verliefd stel rijdt hand-in-hand. Hoe zou het op het plein zijn? Het geklater van de fontein lokt me er weer heen. Er wordt nu gevoetbald tussen vader en zoon. De familie komt langs even zwaaien. Een motor doet de uitzichtpost trillen, wat gebeurt er op de Noordendijk? Passerende fietsers zien me van ver. Als ze bijna passeren, toch nog een snelle zwaai, om te kijken of hij echt is. Ik zwaai terug. Op het plein rent iemand nog snel de bios binnen. Ook hier vluchtig blikken en af en toe een opgestoken hand. Nog 1 keer naar de andere kant. Twee meiden op de fiets hebben er zin in vanavond. De vlag op de kerk is streken, ik kan nu ook de klok lezen. 21.30. Mijn tijd zit erop.